Veelgestelde vragen
Praktische antwoorden over reizen door Noord-Spanje
Reis plannen & vervoer
Als je komt voor natuur, eten en kleine dorpen: zeker. Zoek je gegarandeerd zon en een warm zwembad, dan zit je aan de Middellandse Zee beter. Het noorden is groener, koeler en rustiger dan de rest van Spanje. Alles op een rij in onze reisgids Noord-Spanje.
Met twee weken doe je Baskenland, Cantabrië en de Picos de Europa op je gemak. Asturië erbij kan in drie weken, en voor de hele kust inclusief Galicië neem je vier weken. Minder zien en langer blijven is hier vaak de betere keuze. Zie onze rondreis door Noord-Spanje.
Vliegen kan op Bilbao (BIO), San Sebastián (EAS), Santander (SDR), Asturias (OVD) en Santiago de Compostela (SCQ). Met de auto vanuit Nederland is het zo'n 14 uur rijden via Frankrijk. De ferry vanuit Portsmouth of Plymouth naar Santander of Bilbao is een populair alternatief (24 tot 32 uur, met cabine).
Ja. Vanuit het midden van Nederland is het zo'n 1.300 tot 1.400 kilometer naar Bilbao. Reken op twee dagen rijden met een overnachting in Frankrijk. Het voordeel: je hebt je eigen spullen bij je en geen huurauto nodig. Meer in onze rondreis-gids.
Voor een reis van een tot drie weken wel. Je vliegt naar Bilbao, waar rechtstreekse vluchten vanuit Nederland en België landen, huurt daar een auto en rijdt aan het eind weer terug. Zo win je vier reisdagen ten opzichte van de eigen auto.
Voor de échte ontdekkingstocht: ja. De mooiste dorpjes, stranden en bergroutes zijn slecht of niet met het OV bereikbaar. Tussen de grote steden (Bilbao, Santander, Santiago) rijdt prima trein, maar voor de Picos de Europa, de Costa da Morte of het achterland van Asturië is een auto essentieel.
In de toeristische plaatsen en grotere steden vrij goed, in de dorpjes en bij oudere generaties amper. Een paar Spaanse basiswoorden helpen veel: ze waarderen het enorm als je hola, gracias en la cuenta probeert. In Baskenland en Galicië bestaan eigen talen (Euskera, Galego), maar iedereen spreekt ook Spaans.
Heel veilig. Het is een van de rustigste regio's van Spanje, met lage criminaliteit en een ontspannen sfeer. De gebruikelijke voorzorg in de grotere steden (San Sebastián, Bilbao) volstaat. Zakkenrollers zijn er schaars vergeleken met Barcelona of Madrid.
Euro. Pinnen kan vrijwel overal in steden en grotere dorpen. Op afgelegen plekken (bergdorpen, kleine chiringuito's, sidrería's) is contant nog handig. We adviseren altijd 50 tot 100 euro cash bij je te hebben.
Weer & seizoen
Mei, juni, september en oktober. Overdag is het 19 tot 25 graden, er is een redelijke kans op mooi weer en het is rustig. Ideaal voor wandelen, surfen en dorpjes. Juli en augustus zijn het warmst en het levendigst, maar ook het drukst. Per maand uitgelegd in de beste reistijd voor Noord-Spanje.
Zachter en groener dan de rest van Spanje. Zomers zijn aangenaam warm, gemiddeld 22 tot 26 graden aan de kust, en zelden verstikkend. Het kan ook in juli of augustus dagen achter elkaar regenen, dus neem altijd een regenjas mee. De Picos de Europa kunnen in juni nog sneeuw op de toppen hebben.
Meer dan in de rest van Spanje, ja. In Santander valt in de winter op zo'n 12 dagen per maand regen, in juli op ongeveer 7. Het zijn vaak buien, maar het kan ook in de zomer een paar dagen achter elkaar regenen. Daarom is het hier zo groen.
Gemiddeld 22 tot 26 graden overdag in juli en augustus, afhankelijk van waar je bent. Bilbao is het warmst, de kust van Asturië en Galicië het koelst. Snikhete dagen van boven de 30 graden komen voor, maar zijn eerder uitzondering dan regel.
In augustus rond de 20 tot 21 graden bij Santander en Gijón, bij A Coruña rond de 19. In het voorjaar is het water zo'n 13 graden. Voor surfen heb je het grootste deel van het jaar een wetsuit nodig, ook in de zomer meestal een dunnere variant.
Ja, koud is het niet: overdag rond de 13 of 14 graden aan de kust. Maar het is wel natter, met regen op zo'n 12 tot 15 dagen per maand. Leuk voor steden, eten en surfen, minder voor strand en lange wandelingen.
Buiten de winter zijn mei, begin juni en de tweede helft van september het rustigst. Stranden en dorpen zijn dan leeg vergeleken met juli en augustus, en overnachten is makkelijker te regelen. Half augustus is het drukst, want dan is heel Spanje zelf ook op vakantie.
Per provincie
Als reizigers het over Noord-Spanje hebben, bedoelen ze meestal de groene kust langs de Golf van Biskaje: Baskenland, Cantabrië, Asturië en Galicië. Formeel zijn het autonome regio's. Navarra en La Rioja liggen ook in het noorden, maar niet aan zee.
In het noordoosten van Spanje, tegen de Franse grens. De bekendste steden zijn Bilbao en San Sebastián. De regio staat bekend om pintxos, surfen in Mundaka, het Guggenheim en de eigen taal Euskera. Meer over de regio in wat Baskenland precies is.
Dat hangt ervan af wie je het vraagt. Vitoria-Gasteiz is de officiële bestuurlijke hoofdstad van de autonome regio. San Sebastián (Donostia) en Bilbao zijn internationaal veel bekender: Bilbao als culturele stad met het Guggenheim, San Sebastián als culinaire hoofdstad.
In het Euskera heet de autonome regio Euskadi. Daarnaast bestaat de ruimere term Euskal Herria, die ook het Franse Baskenland en Navarra omvat. Euskadi is de bestuurlijke eenheid, Euskal Herria het culturele geheel. Welke iemand gebruikt, zegt vaak iets over hoe die naar de regio kijkt.
Baskenland strekt zich uit aan beide kanten van de Pyreneeën. Het Spaanse deel (Euskadi) is veruit het grootste, met Bilbao, San Sebastián en Vitoria. Het Franse deel (Iparralde) ligt aan de Côte Basque met Biarritz, Saint-Jean-de-Luz en Bayonne. De cultuur is verwant, maar het Franse deel heeft nooit dezelfde autonomie gehad.
Ja. De ETA, de gewapende separatistische organisatie die van 1959 tot 2018 actief was, kondigde in 2011 een permanent staakt-het-vuren af en hief zichzelf in 2018 officieel op. Baskenland is nu een van de veiligste en meest welvarende regio's van Spanje.
Tussen Baskenland en Asturië, met Santander als hoofdstad. Een vaak overgeslagen provincie met fantastische stranden, middeleeuwse dorpjes zoals Comillas en Santillana del Mar, en via Potes de poort naar de Picos de Europa.
Tussen Cantabrië en Galicië, en het is het groenste deel van Spanje. Oviedo is de hoofdstad, Gijón de grootste stad. Asturië is beroemd om de Picos de Europa, de sidra-cultuur, dramatische kustkliffen en vissersdorpjes zoals Cudillero en Llanes.
Helemaal in de noordwestelijke hoek van Spanje, ten noorden van Portugal. Hoofdstad is Santiago de Compostela, het eindpunt van de Camino. Galicië is beroemd om de Atlantische kust (Costa da Morte, Rías Baixas, Cíes-eilanden), zeevruchten en Albariño-wijn.
Nee, integendeel. Galicië is met afstand de goedkoopste regio van de noordkust. Een menú del día kost vaak 12 tot 15 euro, hotels en campings zijn betaalbaar. Ook de verse zeevruchten, zoals pulpo, oesters en percebes, zijn in lokale taberna's prima geprijsd.
Steden & plekken
Het Guggenheim Museum is de hoofdact (boek vooraf!), maar laat ook tijd voor de Casco Viejo met Plaza Nueva, de Mercado de la Ribera en de funicular naar Artxanda voor het panorama. 's Avonds eet je pintxos in de Siete Calles. Zie ook ons Guggenheim-artikel.
Reken op ongeveer 2 tot 3 uur voor een rustig bezoek. Dan heb je tijd voor de vaste collectie en de tijdelijke tentoonstellingen, en om even buiten rond het gebouw te lopen. De spin Maman en de bloemenhond Puppy staan buiten en zijn gratis te bekijken. Meer in ons Guggenheim-artikel.
Een pintxos-ronde in de Parte Vieja (Casa Vallés, Borda Berri), zwemmen op La Concha, Monte Igueldo op voor de iconische foto en surfen op Zurriola. Plan minstens drie dagen: dit is dé culinaire hoofdstad van Spanje.
Het is de duurste stad van Noord-Spanje, met hotels die in juli en augustus pittig geprijsd zijn. Maar pintxos zijn relatief betaalbaar (2 tot 4 euro per stuk) en in de buurt (Pasaia, Getaria, Hondarribia) eet je veel goedkoper. In het seizoen is reserveren een must voor populaire bars.
Bilbao is groter en urbaner, met grootse kunst en architectuur. San Sebastián is kleiner en charmanter, met dat unieke stadsstrand en de beste eetscene van Spanje. Voor een eerste keer: doe beide, ze liggen maar een uurtje uit elkaar.
De meeste mensen komen met de auto: vanaf Bilbao rijd je er in 30 tot 40 minuten heen. Je parkeert langs de toegangsweg en loopt een klein halfuurtje. Het laatste stuk doe je altijd te voet, met 241 treden naar het kapelletje. Alles over de route in San Juan de Gaztelugatxe.
In het weekend, het hoogseizoen en de vakanties wel. Het tijdslot is gratis en reserveer je op public.tiketa.eus. Zo reguleren ze de drukte en beschermen ze de natuur. Check het altijd even vooraf. Wil je de drukte vermijden, ga dan vroeg in de ochtend of juist later op de dag.
De buitenkant van Dragonstone is opgenomen bij San Juan de Gaztelugatxe, aan de Baskische kust ten noordoosten van Bilbao. De lange trap en de ruige zee zie je in de serie terug. Het eiland is via een stenen brug met het vasteland verbonden en goed als dagtrip vanuit Bilbao te doen.
Het gezegde luidt "ni es santa, ni es llana, ni tiene mar": niet heilig, niet vlak en zonder zee. Grappig genoeg klopt geen van de drie helemaal, maar de bijnaam is blijven hangen. Reken op een halve dag voor het dorp. Lees meer over Santillana del Mar.
Zeker, juist als je geen zin hebt in een drukke, doorgeplande stedentrip. Gijón is klein genoeg om alles lopend te doen, heeft een strand midden in het centrum en is een stuk minder toeristisch dan Bilbao of San Sebastián. Oviedo ligt een half uurtje met de trein verderop. Meer in onze gids voor Gijón.
De pre-romaanse kerken Santa María del Naranco en San Miguel de Lillo (UNESCO), de gotische kathedraal en bovenal een avond op Calle Gascona, dé sidra-straat van Spanje. Verwacht een lange avond.
De kathedraal en de Praza do Obradoiro zijn het hart. Bekijk de pelgrimsmis (12 uur), verken de oude stad rond de Rúa do Franco en eet pulpo op de Mercado de Abastos. Plan twee tot drie dagen voor een rustige indruk.
Alleen met de boot vanuit Vigo. De boten varen vooral in de lente en zomer en doen er ongeveer 40 minuten over. Reserveer vooraf, want er geldt een maximum aantal bezoekers per dag. Neem zelf eten mee, de horeca op het eiland is beperkt. Meer in wandelen op de Islas Cíes.
De naam komt van Finis Terrae, Latijn voor "einde van de aarde". Vroeger dachten mensen dat dit het meest westelijke punt van Europa was. Voor veel pelgrims is het ook het symbolische eindpunt van de Camino. Kom rond zonsondergang, als de zon recht in zee zakt. Zie ons artikel over Finisterre.
Eten & drinken
Hapjes die typisch zijn voor Baskenland, vaak op een sneetje brood met een tandenstoker erdoor. Je eet ze staand aan de bar, je deelt ze niet en je trekt door naar de volgende bar. Dat is het verschil met tapas, een Zuid-Spaanse traditie van gedeelde gerechten aan tafel. Lees meer in onze Baskische keuken-gids.
Gemiddeld tussen de 2 en 4 euro. Percebes zijn een uitzondering: die kunnen, afhankelijk van het seizoen en de plek, oplopen tot 15 à 30 euro per portie. Een glas txakoli erbij kost doorgaans 2 tot 3 euro. De spits is 's avonds tussen acht en tien, dan liggen de warme en verse pintxos klaar.
Asturiaanse cider: droger, zuurder en met minder bubbels dan wat je gewend bent. Hij wordt van een meter hoogte ingeschonken om hem te beluchten (escanciar), en je drinkt dat kleine beetje in één keer op. Lees onze sidra-gids voor de etiquette.
In een bar of sidrería meestal tussen de 3 en 6 euro. Je bestelt vaak een hele fles voor de tafel, niet per glas, en die gaat gewoon rond. Sidra zit rond de 5 tot 6 procent alcohol, vergelijkbaar met bier, maar drinkt makkelijk weg. Meer in onze sidra-gids.
"Eendenmosselen": schaaldieren die groeien op rotsen waar de Atlantische golven het hardst slaan. Ze zien er bizar uit (dinosauruspoten), maar smaken intens naar zee. Ze zijn duur omdat het oogsten gevaarlijk werk is, tussen de branding door. Meer in onze Galicische keuken-gids.
Octopus op z'n Galicisch: zacht gekookt, in plakken gesneden en geserveerd met grof zout, olijfolie en paprikapoeder, vaak op een houten plankje met aardappels eronder. Simpel, perfect uitgevoerd. Lees meer in onze Galicische keuken-gids.
Lichte, frisse Baskische witte wijn met een lichte bruis. Hij wordt van hoogte ingeschonken, net als sidra, voor de luchtigheid. Perfect bij pintxos en verse vis. Beste regio: Getaria.
De bekendste rode wijnstreek van Spanje, in La Rioja, net ten zuiden van Baskenland. Er wordt vooral wijn van de tempranillo-druif gemaakt. Een dagtrip vanuit Bilbao of San Sebastián naar de bodega's in Haro of Logroño is goed te doen.
Door de combinatie van verse vangst uit de Cantabrische Zee, handmatige verwerking en een lang rijpingsproces in zout. Dat geeft een zachte, diepe smaak met meer balans dan de extreem zoute ansjovis uit de Nederlandse supermarkt. Lees alles over ansjovis uit Santoña.
Simpele strandbars die vooral in de lente en zomer open zijn langs de Galicische kust. Je eet er gefrituurde vis, chorizo of zamburiñas en drinkt Estrella Galicia of een glas albariño. De focus ligt op sfeer en uitzicht, niet op luxe. Zie onze chiringuitos in Galicië.
Surfen, wandelen & kamperen
Absoluut, dit is hét surfgebied van Spanje. Bekende spots: Mundaka (gevorderd), Zarautz (allround), Zurriola in San Sebastián (stadsstrand), Somo en Oyambre in Cantabrië (beginners), Rodiles in Asturië en Pantín in Galicië. Beste seizoen: september tot november voor consistente swell, juni tot augustus voor warmer water.
Ja, daarom boeken zoveel mensen hier hun eerste surfles. Zurriola is een groot, overzichtelijk strand met relatief toegankelijke golven, en je bent er nooit de enige beginner. Een beginnersles kost meestal 30 tot 50 euro, inclusief board en wetsuit. Lees hoe je leert surfen in San Sebastián.
Playa de Somo, Playa de Oyambre en Playa del Sardinero in Santander. Ze hebben zachte beach breaks, veel surfscholen en brede stranden, dus genoeg ruimte om veilig te oefenen. Gevorderden kijken eerder naar Los Locos in Suances. Alle spots in surfen in Cantabrië.
Ja, vooral op dagen met kleinere swell. Rodiles is een brede beach break in een beschermd natuurgebied in Asturië, met golven die vrij voorspelbaar breken en veel ruimte in het water. Bij grotere swell wordt de zee snel krachtiger en is het meer iets voor gevorderden. Zie surfen op Playa de Rodiles.
Het indrukwekkendste bergmassief van Noord-Spanje, op de grens van Cantabrië en Asturië. Hoogtepunten zijn de Lagos de Covadonga (twee bergmeren), de kabelbaan van Fuente Dé aan de Cantabrische kant en de Ruta del Cares, een wandeling van 12 kilometer door een rotskloof. Uitvalsbasis: Potes of Cangas de Onís.
Van april tot oktober. Dan is het weer het meest stabiel en zijn de landschappen op hun mooist. De zomer is drukker, maar ook levendiger in de dorpen langs de routes. Stevige wandelschoenen of sneakers met grip zijn genoeg. Onze favoriete routes staan in kustroutes in Cantabrië.
Dat hangt af van de route. De klassieke Camino Francés vanuit Saint-Jean-Pied-de-Port is 780 kilometer, de Camino del Norte langs de noordkust zo'n 825 kilometer en de Camino Portugués vanuit Lissabon ongeveer 620 kilometer. Voor een Compostela-certificaat loop je minimaal 100 kilometer of fiets je er 200.
Ongeveer 825 kilometer, van Irún aan de Frans-Spaanse grens tot Santiago de Compostela. De route loopt langs de hele noordkust en geldt als de mooiste maar ook zwaarste hoofdroute: meer hoogteverschil dan de Camino Francés en minder pelgrims. Reken op 32 tot 35 dagen lopen.
Wij gebruiken zelf vooral deze drie bronnen. Meer heb je in de praktijk niet nodig:
- Komoot: onze favoriet voor onderweg. Een app met routes die je offline kunt downloaden, navigatie via spraak, en je kunt routes van anderen kopiëren. Alle wandelingen die wij in onze artikelen tippen staan erop. Voor de meeste mensen is dit alleen al genoeg.
- IGN (Instituto Geográfico Nacional): de officiële Spaanse topografische kaarten, gratis te downloaden via ign.es. Handig als je een specifieke route off-grid wilt lopen of als back-up zonder bereik.
- Oficina de Turismo: elk toeristisch dorp heeft er een, vaak op het centrale plein. Ze hebben gratis lokale wandelkaarten met de mooiste paden uit het dorp, plus actuele tips van de mensen die er wonen. Onbetaalbaar voor de minder bekende paadjes die niet in apps staan.
Met een tent in de meeste regio's niet, en in natuurparken en op stranden zeker niet. Met een camper of busje mag overnachten op een openbare parkeerplaats vaak wel, zolang je niets uitklapt en geen stoelen buiten zet. De regels verschillen per gemeente. Meer in onze campinggids voor Noord-Spanje.
Voor juli en augustus op tijd, zeker bij de kleine campings aan de kust. Die hebben soms maar twintig of dertig plekken en zitten in het hoogseizoen vol, ook doordeweeks. Half augustus is het drukst. In juni en september kun je in de meeste gevallen gewoon komen aanrijden.
Met de hond op reis
Nee, dat is per regio en per gemeente geregeld. De algemene regel:
- 15 juni tot 30 september: op de meeste stranden zijn honden niet toegestaan, ook niet aangelijnd. Boetes kunnen oplopen tot 750 euro.
- Buiten het zomerseizoen: honden zijn op de meeste stranden welkom, vaak nog aangelijnd.
- Officiële hondenstranden ("playa canina" of "playa para perros"): jaarrond toegestaan. Voorbeelden: Praia da Concha in A Coruña (Galicië), Playa de Liencres in Cantabrië, Playa de El Sablón in Llanes (Asturië). Check Gudog of het toeristenbureau voor de actuele lijst per regio.
Bord met een doorgekruiste hond bij de strandopgang? Dan is het verboden, ook al is het stil. Ga altijd eerst even kijken bij de oficina de turismo van de gemeente.
Op de meeste terrassen wel, mits aangelijnd. Binnen in restaurants meestal niet, met uitzondering van sommige sidrería's, dorpscafés en hondvriendelijke chiringuito's. Vraag het gewoon: "¿se admiten perros?" werkt prima.
Een EU-dierenpaspoort, een geldige rabiësvaccinatie (minimaal 21 dagen oud, geen wachttijd bij herhalingsenting) en een microchip. Sommige campings, hotels en ferry's vragen extra: een geldige tekenbehandeling en een actuele parasietencheck. Check het altijd vooraf bij je verblijf.
Veel kustpaden in Cantabrië, Asturië en Galicië zijn prima: meestal goed beloopbaar, schaduwrijk en met water onderweg. De Ruta del Cares in de Picos is toegestaan voor honden, maar pittig en aan de lijn vanwege de geiten. Op de Camino del Norte zijn er pelgrimsherbergen die honden toestaan.
Vraag staat er niet bij?
Mail ons gerust. We beantwoorden vragen meestal binnen een dag, en als het iets is dat vaker speelt, voegen we 'm aan deze pagina toe.
Stel je vraag